Hypotheek Informatie


A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

A


Aflossingsvrije hypotheek

De aflossingsvrije hypotheek biedt de mogelijkheid om pas af te lossen aan het einde van de looptijd of bij verkoop van uw huis. Tijdens de looptijd van de hypotheek betaalt u alleen rente. Het voordeel hiervan is dat u profiteert van een constante hoge renteaftrek. Bij deze vorm moet u echter wel beseffen dat u in principe "uw hele leven" aan de schuld vast zit. In ieder geval tot verkoop van het woonhuis of tot het moment waarop u op een andere manier over vermogen beschikt om de schuld af te lossen. Er is echter wel een belangrijke voorwaarde verbonden aan de aflossingsvrije hypotheek: omdat de hypotheekverstrekker zeker wil zijn dat het voor de aflossing benodigde bedrag wel betaald wordt, moet de waarde van het huis een stuk hoger te zijn dan het hypotheekbedrag dat u leent. Afhankelijk van de geldgever ligt dit tussen 75% en 100% van de executiewaarde.


B


Boeteberekening

Voor de meeste hypotheken geldt dat de boete wordt berekend op basis van de ‘contante waarde van het renteverschil’. Is de dagrente op dat moment lager dan de contractrente, dan lijdt de geldverstrekker een renteverlies. De boete is dan meestal het verschil tussen de hogere en de lagere rente, gerekend tot aan het einde van de rentevaste periode. Hoewel vrijwel alle geldgevers voor nieuwe hypotheken de contante waarde als boete hanteren, verschilt zowel de gehanteerde formule als de manier waarop de dagrente en het boeteplichtige bedrag worden berekend van bank tot bank. In de praktijk leidt dit tot grote verschillen in de hoogte van de boete.


Boeteplichtig bedrag

Deel van de hypotheek waarover de geldgever boete in rekening brengt. Bij een aflossingsvrije hypotheek, annuïteitenhypotheek en lineaire hypotheek is dit gelijk aan de netto hypotheekschuld minus het boetevrije deel. Bij levenhypotheken en beleggingshypotheken is dit doorgaans gelijk aan de bruto hypotheekschuld minus het boetevrij deel. Slechts enkele geldgevers gaan bij de spaarhypotheek uit van de netto schuld (bruto hypotheek minus opgebouwd spaarkapitaal) minus het boetevrij deel.


Boeterente bij hypotheken

Kosten die u moet betalen als u een lening met vaste rente vervroegd aflost. In het geval van variabele rente hoeft u doorgaans geen boete te betalen, ook niet als de aflossing plaatsvindt op de renteherzieningsdatum. Hetzelfde geldt als op de aflossingsdatum de dagrente hoger ligt dan de contractrente, bij verkoop van de woning (een enkele geldgever uitgezonderd), in veel gevallen bij executie van de woning (gedwongen verkoop op een veiling), bij het tenietgaan van het onderpand (bijvoorbeeld door brand) en bij uitkering van een overlijdensrisicoverzekering. Als de hypotheekrente fiscaal aftrekbaar is, geldt dat ook voor de boeterente die u moet betalen.


Boetevrij deel

Een percentage van de oorspronkelijke lening, afhankelijk van de geldgever uiteenlopend van 10 tot 20% van de oorspronkelijke hoofdsom van de hypotheek, dat jaarlijks boetevrij afgelost mag worden. Als u een jaar geen gebruik maakt van deze mogelijkheid kunt u het onbenutte deel niet meenemen naar een volgend jaar.


Bouwdepot

Bij een nieuwbouwwoning betaalt u de aannemer, naarmate de bouw van het huis vordert. U sluit wel al de volledige hypotheek af. Dit betekent dat een deel van de hypotheek tijdens de bouw in depot blijft. Over dit depot ontvangt u een rentevergoeding. Deze is gelijk aan de hypotheekrente of 1% lager (minder gunstig).


Budgethypotheek

Hypotheek met minder goede voorwaarden dan de standaardvorm, waar tegenover staat dat de rente een stuk lager is.


C


Combinatiehypotheek

Bij de combinatiehypotheek is er sprake van een mengvorm, waarbij verschillende hypotheekvormen met elkaar worden gecombineerd om tot echt maatwerk te komen. Afhankelijk van de persoonlijke financiële situatie en de specifieke wensen wordt bepaald of een combinatiehypotheek een interessante optie is.


Contante waarde van het renteverschil

Bij hypotheken wordt de te betalen boete bij vervroegde aflossing doorgaans berekend via de contante waarde van het renteverschil, kortweg contante waarde genoemd.
Stel u heeft een hypotheek van €100.000. Uw rentevaste periode loopt nog drie jaar en de contractrente bedraagt 7%. U betaalt dus nog drie jaar €7000 aan rente, in totaal €21.000. Nu lost u uw hypotheek in één keer af. De bank krijgt dan een groot bedrag in handen dat uitgezet kan worden tegen de dan geldende dagrente. Als die rente echter lager ligt dan 7%, verliest de bank rente-inkomsten. Daarom wordt berekend hoe groot het verlies is. Dat bedrag – de contante waarde – brengt de geldgever u in rekening. Hoe groter het verschil tussen de contractrente en de dagrente, des te hoger de boete.


Contractrente

Rente die u met de geldgever bent overeengekomen.


D


Dagrente

Dagrente heeft twee betekenissen. De eerste betekenis luidt:
Rente die geldt voor nieuwe soortgelijke leningen, waarbij geen rekening wordt gehouden met eventuele kortingen die u of uw tussenpersoon weet te bedingen.
Als we in het kader van het afsluiten van een hypotheek zeggen dat u de dagrente betaalt, betekent dit dat u de hypotheekrente uit de offerte betaalt, of een lager rentepercentage als de rente op de passeerdatum (bij de notaris) blijkt te zijn gedaald. Stel in de offerte staat een hypotheekrente van 6% vermeld. Op de passeerdatum is de dagrente gedaald naar 5,7%; Als u dagrente bent overeengekomen betaalt u uiteindelijk 5,7%. Als de rente niet was gedaald, maar gestegen, dan betaalt u 6%. De rente uit de offerte is dus de bovengrens. Zie ook dalrente en offerterente.


Dalrente

We spreken van dalrente als de rente die u uiteindelijk betaalt, de laagste rente is in de periode tussen het uitbrengen van de offerte en het passeren van de hypotheek bij de notaris. Zie ook dagrente en offerterente.


E


Executiewaarde

Waarde die een huis opbrengt bij een gedwongen verkoop. Doorgaans ligt de executiewaarde voor een bestaande woning op zo’n 85% van de vrije verkoopwaarde. Voor een nieuwbouwwoning ligt deze vaak hoger, tot 100% van de vrije verkoopwaarde van de woning.


H


Hypothecaire lening

De hypothecaire lening is een lening met een onroerend goed (woning, schip, vliegtuig) als onderpand. Dit wordt via een notariële akte vastgelegd. Meestal wordt de schuld expliciet in de akte omschreven.
In het algemeen is het geleende bedrag niet meer dan 75% van de geschatte waarde van het goed bij executoriale verkoop. Deze waarde is de opbrengst, die de geldgever kan krijgen bij gedwongen verkoop van het pand (of schip of vliegtuig) als de schuldenaar niet meer aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen. Als de geldgever bereid is om meer uit te lenen, dan is er sprake van een tophypotheek. In het dagelijks taalgebruik wordt de hypothecaire lening vaak kortweg hypotheek genoemd.


Hypotheekgarantie

Dit is een landelijk geldende regeling waarmee de aankoop van een woning volledig kunt financieren. De garantie wordt verleend door de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen. Daarnaast biedt de hypotheekgarantie het voordeel dat uw rentekorting op uw hypotheek krijgt. Deze korting kan oplopen tot een half procent. De eenmalige kosten bedragen in 2007 0,4% van de hoofdsom van de hypotheek. Door de korting op de hypotheekrente hebt u deze kosten er snel uit. Het hypotheekbedrag mag niet hoger zijn dan € 265.000 (2007). Dit is inclusief bijkomende kosten als notariskosten, afsluitprovisie en overdrachtsbelasting.


Hypotheekgever

Degene die de lening ontvangt en het onderpand (de hypotheek) verstrekt; ofwel uzelf.


Hypotheeknemer

Degene die de lening verstrekt en het onderpand (de hypotheek) ontvangt, ofwel de bank of verzekeraar.


I


Instaprente

Gedurende een bepaalde periode (meestal 1 of 2 jaar) kunt u op ieder moment kosteloos overstappen naar een langere rentevaste periode. Het voordeel van zo’n 'instaprente' (ook wel optierente genoemd) is dat u een tijd (maximaal twee jaar) kunt profiteren van de lage instaprente en dat, als de rente dan plotseling stijgt en u binnen de afgesproken termijn (bijvoorbeeld een week) reageert, u de rente kunt vastzetten tegen de rente die gold vlak voor de renteherziening.
Let echter op bij geldgevers die werken met een rente-opslag bij verlengen van de hypotheek. Sommigen hanteren deze rente-opslag ook als u de instaprente vastlegt. In zo’n geval is het vaak voordeliger maar af te zien van de instaprente.


L


Levensverzekering

Verzekering waarbij de begunstigden (nabestaande(n), of iemand die is aangewezen door de verzekeringnemer) bij het overlijden van de verzekerde een geldbedrag krijgt uitbetaald. Een andere vorm is dat er bij in leven zijn op een bepaalde datum een bepaald bedrag door de verzekeraar wordt uitgekeerd. Een combinatie is ook mogelijk.


Looptijd

De tijdsduur (meestal berekend in aantal maanden) dat u een lening moet terugbetalen. Bij een doorlopend krediet spreken we over een theoretische looptijd.


M


Maandlast

Maandelijkse betaling van rente en aflossing.


Marginaal belastingtarief

Het belastingtarief dat u over de top van uw inkomen betaalt


Meenemen contractrente

Als de contractrente lager is dan de dagrente dan is het prettig als u, bij verhuizing, die lagere rente kunt meenemen naar de hypotheek op de nieuwe woning. De rente die uiteindelijk gaat betalen is een gewogen gemiddelde van de dagrente en oude contractrente, rekening houdend met de hoogte van de hypotheek op de oude en de nieuwe woning, de resterende rentevaste periode van de oude hypotheek en de gekozen rentevaste periode voor de nieuwe hypotheek.


N


Nationale Hypotheek Garantie

De Nationale Hypotheek Garantie is de landelijk geldende regeling waarmee een aankoop van een woning volledig kan worden gefinancierd. De NHG is een extra garantie voor de financier, waardoor een lagere rente – tot een half procent - kan worden gegeven. De NHG geldt zowel voor een financiering van een bestaande woning als van een nieuwbouwwoning, waarvan de verwervingskosten maximaal €265.000 (2007) bedragen. Voor de NHG betaalt u een eenmalige bijdrage van 0,40% (2007) aan het Waarborgfonds Eigen Woningen. Deze kosten zijn fiscaal aftrekbaar.


Netto maandlasten

De maandlasten van uw hypotheek waarbij rekening is gehouden met de fiscale aftrekbaarheid van de hypotheekrente en eventueel ook met de invloed van het eigenwoningforfait.


O


Offertegeldigheidstermijn

Het aantal maanden dat de rente en de voorwaarden uit de offerte hun geldigheid behouden. Vooral van belang als de dagrente is gestegen.


Offerterente

Als de rente in de offerte altijd de definitieve rente is, dan spreken we van offerterente. Deze rente geldt dus ook als de dagrente op de passeerdatum is gedaald. Zie ook dagrente en dalrente.


Overlijdensrisicoverzekering

Bij de overlijdensrisicoverzekering krijgt de begunstigde (doorgaans de nabestaanden) de verzekerde som uitgekeerd als de verzekerde mocht komen te overlijden. Als de verzekering is gekoppeld aan de hypotheek dat wordt met de uitkering de lening geheel of gedeeltelijk afgelost.


Oversluiten

We spreken in twee situaties sprake van oversluiten. Dit is het geval als u uw lening of hypotheek onderbrengt bij een andere geldgever, maar ook als u, tegen betaling van boeterente, de hypotheek oversluit naar de lagere dagrente.


Overwaarde

Verschil tussen de waarde van uw woning en de hypotheek die hierop rust.

P


Passeerdatum

Datum dat de hypotheekakte bij de notaris passeert.


R


Rente met bandbreedte

Bij de rente met bandbreedte spreekt u met de geldgever een bepaalde marge af, bijvoorbeeld 1%, 1,5% of 2%. Zolang de dagrente niet meer dan deze marge omhoog of omlaag gaat verandert de rente niet. Zodra het verschil hoger wordt, wordt de rente met het verschil minus de marge aangepast.
Stel de contractrente is 6%. De marge bedraagt 1%. Zolang als de dagrente niet hoger is dan 7% of niet lager dan 5%, blijft de rente de u betaalt 6%. Als de rente stijgt naar 6,2%, dan betaalt u 5,2%. Als de rente daalt naar 4,7% dan betaalt u 5.7%.


Rentebedenktijd

Bij een rentebedenktijd aan het einde van de rentevastperiode kunt u gedurende een bepaalde periode (1 of 2 jaar) zelf bepalen wanneer de rente wordt herzien. U betaalt hiervoor een opslag op de rente.


Renteherzieningsdatum

Datum, aan het einde van de rentevaste periode, waarop de hypotheekrente wordt aangepast aan de dagrente.


Rentetypen

Verschillende mogelijkheden wat betreft de rentevaste periode. Naast de standaard rentevaste perioden moet u denken aan Instaprente, Rentebedenktijd, Rente met bandbreedte en Rentetypen die tot doel hebben renteschokken op te vangen.


Rentevaste periode

Periode, bijvoorbeeld vijf of tien jaar, dat de rente vaststaat. In de regel geldt: hoe langer de rentevaste periode, des te hoger de rente. De rentevaste periode is doorgaans korter dan de looptijd van de hypotheek.


S


Spaarhypotheek

De spaarhypotheek is een levenhypotheek. Net als bij de levenhypotheek wordt op de schuld tijdens de looptijd van het contract niet afgelost. Want naast de hypothecaire lening wordt een kapitaalverzekering gesloten, waarbij vast staat welk bedrag er beschikbaar komt als de verzekerde leeft op de einddatum of voordien komt te overlijden.
Op de spaarpremie voor de verzekering wordt een rente vergoed die hetzelfde is als de verschuldigde rente op de hypothecaire lening. Daardoor blijven de schommelingen in hypotheeklasten bij rentewijzigingen redelijk beperkt. Als het rentepercentage naar beneden gaat, betaalt u dus wat dat betreft minder. Maar dan moet de premie voor het spaargedeelte in de kapitaalverzekering omhoog. De verzekeraar krijgt dan immers minder rente vergoed en moet u dus meer laten betalen om uiteindelijk toch op het eindbedrag uit te komen. Omgekeerd; als het te vergoeden rentepercentage omhoog gaat, dan kan de premie voor het spaargedeelte naar beneden.


T


Tophypotheek

Relatief hoge hypotheek waarvoor geldgever een rente-opslag vraagt. Er is sprake van een tophypotheek als de totale hypotheek hoger is dan, afhankelijk van de hypotheekverstrekker, 75, 90% of 100% van de executiewaarde van de woning. De maximale tophypotheek bedraagt 125 of 130% van de executiewaarde.


V


Verwervingskosten woning

Aankoopkosten woning inclusief alle bijkomende kosten zoals 6% overdrachtsbelasting, afsluitprovisie, notaris- en taxatiekosten en eventueel kosten hypotheekgarantie en makelaarskosten. Inrichtings- en verhuiskosten vallen niet onder de verwervingskosten.


Vrijeverkoopwaarde

Waarde die een huis opbrengt bij vrijwillige verkoop.


W


Woonlastenverzekering

U kunt een woonlastenverzekering afsluiten om het risico van arbeidsongeschiktheid en/of werkloosheid af te dekken. Zodra u arbeidsongeschiktheid en/of werkloos wordt ontvangt u een maandelijkse uitkering (de verzekerde som). De hoogte van de uitkering hangt vaak af van de mate van arbeidsongeschiktheid. De premie wordt óf maandelijks betaald of in de vorm van een eenmalige koopsom.

Website

 

Disclaimer

Privacy Statement

Sitemap

 

Copyright © 2010